AA25.010 Onderscheid reclame en informatie

ADVIES (AA25.010) van de CGR op het verzoek van [X] op 28 november 2025 uit hoofde van artikel 2.5.1 van het Reglement Naleving geneesmiddelenreclame (hierna: het Reglement), uitgebracht door de Keuringsraad.

1. Het verzoek

[X] is voornemens om een VR-bril te gebruiken in een stand tijdens congressen in Nederland. Het is de bedoeling om de VR-bril in te zetten als informatiebron over de [producten Y en Z].

[X] wenst deze VR-bril in te zetten tijdens nationale congressen. De bedoeling zou zijn om dit in de [X] congresstandruimte ter beschikking te stellen. De VR-bril is bedoeld voor voorschrijfbevoegden (HCP’s). De informatie die via de VR-bril wordt gedeeld, is slechts deels aan de CGR voorgelegd. Het bedrijf stelt over deze informatie dat korte vragen met betrekking tot de twee producten van het bedrijf worden gesteld aan de degene die de VR-bil draagt. Met uitzondering van het vertonen van de verpakking en dus vermelding van productnaam, actieve stoffen en logo’s/kleuren, is het de bedoeling dat de informatie geen ‘promotionele’ informatie bevat.

[X] licht toe dat het niet de bedoeling is om de VR-bril in te zetten als “stand”-lokker (zoals een barista, verse stroopwafels, etc.). Dienvolgens erkent [X] dat HCP’s een congresstandruimte zouden moeten bezoeken enkel en alleen omwille van interesse in het product van het bedrijf. Wanneer [X] deze VR experience als vervanging van of aanvulling op een flyer of mondelinge toelichting zou kunnen inzetten, zal het deze principes in acht nemen, bijvoorbeeld door slechts enkele VR-brillen ter beschikking te stellen en door geen actieve reclame voor de experience te maken.

[X] verzoekt de Keuringsraad om een advies te verlenen omtrent het inzetten van deze mogelijkheid op een stand voor voorschrijfbevoegden tijdens een nationaal congres.

2. Het oordeel van de Keuringsraad

De adviesaanvraag gaat om een beoordeling van het gebruik van een VR-bril als informatiemiddel voor beroepsbeoefenaren in een standruimte op een Nederlands congres. De vraag is of het gebruik van de VR-bril passend is en maakt dat het verstrekken van informatie promotioneel wordt en of deze wijze van communiceren over geneesmiddelen aan de eisen voor informatie dan wel reclame voldoet.

De VR-bril is een presentatiemiddel c.q. medium waarmee informatie in een “virtual reality” wereld wordt aangeboden. Het is een technologie die wordt gebruikt door de gaming-industrie, maar ook zijn toepassingen kent in het onderwijs. VR kan helpen om complexe concepten te visualiseren en begrijpelijker te maken.

De informatie die via de VR-bril wordt gedeeld, kan ook middels een video, animatie, flyer of mondeling door een medewerker met de beroepsbeoefenaar worden gedeeld. De VR-bril brengt een virtueel element in het delen van de informatie. Daarmee wordt de overdracht van informatie aantrekkelijker gemaakt dan via een video, animatie of flyer. Er gaat derhalve een aanprijzende werking uit van de presentatie van informatie middels het medium van een VR-bril.

De beoogde doelgroep bij wie [X] de betreffende informatie onder de aandacht wenst te brengen zijn beroepsbeoefenaren in de betekenis van de Gedragscode. Alhoewel twee voorbeelden van de te stellen vragen zijn meegestuurd, is de inhoud van de uitingen via de VR-bril niet volledig te beoordelen.

[X] heeft toegelicht dat: 1) de inhoud bestaat uit korte vragen met betrekking tot de producten [Y] en [Z] die worden gesteld aan de degene die de VR-bil draagt; en 2) de vragen informatie bevatten gebaseerd op de bijsluiter en studies, inclusief referenties.

De eerste stap van de beoordeling in hoeverre de informatie die via de VR-bril wordt verstrekt in overeenstemming is met de Gedragscode, dient te worden getoetst of sprake is van informatie dan wel van geneesmiddelenreclame in de betekenis van art. 3.1 onder h. van de Gedragscode.

In artikel 5.1.3 van de Gedragscode is bepaald dat reclame zich kenmerkt door het aanprijzende karakter van de uiting. Of sprake is van informatie dan wel reclame moet van geval tot geval worden beoordeeld, waarbij de volgende factoren een rol (kunnen) spelen:
a. De geadresseerde;
b. De inhoud, presentatie en de opmaak van de uiting;
c. De context van de uiting.

Ook als de inhoud inderdaad informatie is en geen reclame, kan afhankelijk van de context deze inhoud echter verkleuren tot reclame. Het gebruik van een VR-bril, waarin de informatie in een virtual reality wordt gepresenteerd, leidt er volgens de CGR toe dat door deze context, de informatieverstrekking verkleurt naar reclame.

Vergunninghouders mogen reclame maken voor receptgeneesmiddelen richting beroepsbeoefenaren. Of aan de eisen van reclame wordt voldaan, kan niet worden vastgesteld op basis van de verstrekte informatie. De maatregelen die het bedrijf beschrijft voor de inzet van de VR-bril in de standruimte, dragen bij aan het voldoen aan die eisen.
Verder wordt het bedrijf gewezen op artikel 5.5.1. van de Gedragscode en het belang om te zorgen dat promotionele uitingen via de VR-bril niet plaatsvinden richting niet-beroepsbeoefenaren in het geval dat niet-beroepsbeoefenaren ook toegang hebben tot het congres.

Het oordeel van de CGR is onder voorwaarden positief.

3. De kosten

De aan deze adviesaanvraag verbonden kosten zullen separaat aan [X] in rekening worden gebracht.

ID:

AA25.010

Onderwerp(en):

Onderscheid reclame / informatie

Type beoordeling:

Advies

Uitspraak:

Voorwaardelijk positief

Instantie:

Keuringsraad

Datum uitspraak:

12-01-2026

Print deze uitspraak