Filter uitspraken
Filters

 

Verfijn zoekactie

We werken nog aan het invoeren en bewerken van de weergave van de uitspraken.

Sorteren
  • Datum: 06-02-2003
    Onderwerp: Bonussen en kortingen, Onderscheid reclame / informatie, Publieksreclame
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Negatief

    Het betreft een "niet goed, geld terug" actie voor een recept-geneesmiddel, waarbij de patiënt de eigen bijdrage kan terugkrijgen. Een dergelijke actie moet worden gezien als een vorm van verboden publieksreclame. De actie moet bovendien worden aangemerkt als een 'refund' actie die op grond van de Code Publieksreclame niet toelaatbaar is.

  • Datum: 06-10-2004
    Onderwerp: Eisen aan informatie, Onderscheid reclame / informatie, Publieksreclame
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Deels positief, deels negatief

    In dit advies wordt de toelaatbaarheid van een ondersteuningsprogramma getoetst dat is gericht op (het aanpassen van de levensstijl) patiënten. De aanvrager is voornemens aan patiënten die een bepaald recept-geneesmiddel van de aanvrager reeds voorgeschreven hebben gekregen en die aangeven hierover extra informatie te willen ontvangen, informatie omtrent het juiste gebruik van dit geneesmiddel te doen toekomen. De aanvrager heeft voorgesteld om de deelnemers te vragen het op de verpakking van het geneesmiddel vermelde chargenummer op te geven alvorens hem informatie over het geneesmiddel te verstrekken, teneinde te voorkomen dat niet-gebruikers toch eenvoudige toegang tot mededelingen over dat geneesmiddel zouden krijgen.

    De inhoud van de website, voorzover die aan de commissie is voorgelegd en voorzover algemeen toegankelijk voor het publiek, moet op zichzelf beschouwd als informatie en niet als reclame worden aangemerkt, zodat deze informatie in overeenstemming is met de Gedragscode Geneesmiddelenreclame.

    Het advies daarover luidt positief. Ook het toezenden van e-mails met informatie van algemene aard, bijvoorbeeld over het tegengaan van aandoening C en het effect van ander factoren is op zich niet ongeoorloofd. Bij gebreke van adequate waarborgen tegen oneigenlijk gebruik wordt echter het gebruik van deze media, voorzover gericht op gebruikers of mogelijke gebruikers van geneesmiddel Z, ernstig ontraden.

  • Datum: 16-02-2004
    Onderwerp: Dienstverlening, Eisen aan reclame, Geschenken
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Negatief

    Het bestuur van de CGR vraagt advies over de toelaatbaarheid van het aanbieden van een vergoeding aan beroepsbeoefenaren voor het omzetten van patiënten op een ander geneesmiddel. Een geldelijke vergoeding als de onderhavige kan niet worden beschouwd als een honorering voor verleende diensten, maar moet worden gezien als het aanbieden of in het vooruitzicht stellen van geschenken in welke vorm ook, van premies of voordelen in geld of in natura.

    De Codecommissie is van oordeel dat deze handelwijze van een vergunninghouder, wie ook en onder welke omstandigheden ook, evident in strijd is met de bepalingen van de Gedragscode Geneesmiddelenreclame. De Codecommissie oordeelt dat de handelswijze onder meer in strijd is met de bepalingen dat reclame zodanig dient te geschieden dat het rationele gebruik van geneesmiddelen in farmacotherapeutisch opzicht wordt bevorderd en dat geen afbreuk mag worden gedaan aan de reputatie van de farmaceutische industrie of die van beroepsbeoefenaren.

  • Datum: 04-10-2005
    Onderwerp: Bonussen en kortingen, Eisen aan reclame, Onderscheid reclame / informatie
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Negatief

    In dit advies ligt voor of bepaalde afspraken tussen zorgverzekeraars en huisartsen in medewerkersovereenkomsten over het voorschrijven van geneesmiddelen toelaatbaar zijn. In het advies concludeert de Codecommissie dat het Reclamebesluit geneesmiddelen niet is beperkt tot bepaalde categorieën reclamemakers. Wat betreft de toepassing van de Gedragscode concludeert de Codecommissie dat zij op grond van de Gedragscode in beginsel niet bevoegd is kennis te nemen van en een oordeel uit te spreken over klachten met betrekking tot geneesmiddelenreclame afkomstig van anderen dan vergunninghouders en beroepsbeoefenaren. Dit ligt echter anders wanneer reclame gemaakt door derden verplichtingen inhoudt voor groeperingen die wél aan de Gedragscode zijn gebonden. Het vastleggen van een bepaald voorschrijfgedrag in medewerkersovereenkomsten tussen zorgverzekeraars en huisartsen wordt in dit geval beschouwd als reclame. De koppeling aan een financiële beloning of sanctie is alleen relevant voor de beantwoording van de vraag of en, zo ja, in welke mate de reclame in strijd is met de overige bepalingen van het Reclamebesluit resp. van de Gedragscode.

    De Codecommissie bepaalt dat zowel de zorgverzekeraar als de arts in strijd handelen met het Reclamebesluit door een dergelijke overeenkomst aan te bieden resp. aan te gaan. Zorgverzekeraars die een dergelijke overeenkomst aanbieden/aangaan handelen formeel niet in strijd met de Gedragscode omdat zij daaraan niet zijn gebonden. Dat geldt evenwel niet voor de betrokken artsen. In het kader van de Gedragscode hebben de voorschrijvers zich verbonden te zullen handelen in overeenstemming met de bepalingen van die Gedragscode en het daaraan ten grondslag liggende Reclamebesluit. Het aangaan van verplichtingen met derden, in casu met zorgverzekeraars, die met de Gedragscode resp. het Reclamebesluit in strijd zijn, moet om die reden worden aangemerkt als een handelen in strijd met de Gedragscode. Daaraan doet niet af dat die derden zelf niet rechtstreeks aan de Gedragscode zijn gebonden.

  • Datum: 04-10-2005
    Onderwerp: Bonussen en kortingen, Eisen aan reclame, Onderscheid reclame / informatie
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Negatief

    In dit advies ligt voor of bepaalde afspraken tussen zorgverzekeraars en huisartsen in medewerkersovereenkomsten over het voorschrijven van geneesmiddelen toelaatbaar zijn. In het advies concludeert de Codecommissie dat het Reclamebesluit geneesmiddelen niet is beperkt tot bepaalde categorieën reclamemakers. Wat betreft de toepassing van de Gedragscode concludeert de Codecommissie dat zij op grond van de Gedragscode in beginsel niet bevoegd is kennis te nemen van en een oordeel uit te spreken over klachten met betrekking tot geneesmiddelenreclame afkomstig van anderen dan vergunninghouders en beroepsbeoefenaren. Dit ligt echter anders wanneer reclame gemaakt door derden verplichtingen inhoudt voor groeperingen die wél aan de Gedragscode zijn gebonden. Het vastleggen van een bepaald voorschrijfgedrag in medewerkersovereenkomsten tussen zorgverzekeraars en huisartsen wordt in dit geval beschouwd als reclame. De koppeling aan een financiële beloning of sanctie is alleen relevant voor de beantwoording van de vraag of en, zo ja, in welke mate de reclame in strijd is met de overige bepalingen van het Reclamebesluit resp. van de Gedragscode.

    De Codecommissie bepaalt dat zowel de zorgverzekeraar als de arts in strijd handelen met het Reclamebesluit door een dergelijke overeenkomst aan te bieden resp. aan te gaan. Zorgverzekeraars die een dergelijke overeenkomst aanbieden/aangaan handelen formeel niet in strijd met de Gedragscode omdat zij daaraan niet zijn gebonden. Dat geldt evenwel niet voor de betrokken artsen. In het kader van de Gedragscode hebben de voorschrijvers zich verbonden te zullen handelen in overeenstemming met de bepalingen van die Gedragscode en het daaraan ten grondslag liggende Reclamebesluit. Het aangaan van verplichtingen met derden, in casu met zorgverzekeraars, die met de Gedragscode resp. het Reclamebesluit in strijd zijn, moet om die reden worden aangemerkt als een handelen in strijd met de Gedragscode. Daaraan doet niet af dat die derden zelf niet rechtstreeks aan de Gedragscode zijn gebonden.

  • Datum: 08-03-2007
    Onderwerp: Geschenken, Sponsoring
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Voorwaardelijk positief

    De aanvraag betreft de toelaatbaarheid van sponsoring van een ziekenhuis m.b.t. echo-apparatuur. De Codecommissie toetst de sponsoring aan de regels voor geschenken en komt tot de conclusie dat geen sprake is van geschenken van een geringe waarde. Echter, de Codecommissie wijst op het op korte termijn van kracht worden van nieuwe gedragsregels die onder vergelijkbare omstandigheden als in het onderhavige geval sponsorprojecten toelaten.

  • Datum: 11-09-2006
    Onderwerp: Eisen aan reclame, Onderscheid reclame / informatie
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Positief

    Deze aanvraag betreft de toetsing van een convenant op grond waarvan farmaceutische bedrijven en de OKD’s samenwerken op de volgende gebieden: - nascholing van huisartsen in samenwerking met de farmaceutische industrie; - onderzoek ter verbetering van de huisartsenzorg voor specifieke groepen chronisch zieken (niet WMO-plichtig onderzoek); - en andere projecten zoals bijvoorbeeld rond het verbeteren van de structuur van het regionaal Farmacotherapeutisch Transmuraal Overleg (F(T)TO).

    Samenvattend, komt de Codecommissie tot het oordeel dat – ervan uitgaande dat op de thans niet verifieerbare onderdelen in de praktijk steeds de regels van de Gedragscode in acht genomen zullen worden – er geen beletsel bestaat om de beide thans voorgelegde overeenkomsten te effectueren.

  • Datum: 10-06-2006
    Onderwerp: Samenkomsten in Nederland
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Voorwaardelijk positief

    De sponsoring van de bijeenkomst is toelaatbaar, mits de voorgenomen feestavond uit andere bronnen wordt gefinancierd dan de sponsoring vanuit de vergunninghouders.

  • Datum: 20-09-2006
    Onderwerp: Samenkomsten in Nederland
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Negatief

    Het betreft de sponsoring van een bijeenkomst van beroepsbeoefenaren. De Codecommissie concludeert dat sprake is van een manifestatie en dat de sponsoring het maximaal toelaatbare bedrag aan gastvrijheid voor manifestaties overschrijdt. Daarnaast merkt de Codecommissie op dat bepaalde dienstverleningen, zoals marktconforme tarieven voor standhuur en advertenties, onder omstandigheden als betaalde reclame-uitingen in de gebruikelijke zin moeten worden gezien en niet als gunstbetoon.

  • Datum: 11-08-2006
    Onderwerp: Geschenken, Sponsoring
    Instantie: Codecommissie
    Type uitspraak: Advies
    Uitspraak: Deels positief, deels negatief

    De aanvrager vraagt om advies inzake het in bruikleen geven van medische apparatuur aan de huisarts in het kader van een project ter verbetering van de patiëntenzorg en het eventueel in eigendom op de arts overgaan van de bruikleenapparatuur na afloop van deelname aan het project. De Codecommissie concludeert dat in dit geval geen bezwaren bestaan t.a.v. in het tijdelijk ter beschikking stellen van een X apparaat. Na afloop van de overeengekomen termijn mag het apparaat evenwel niet aan de arts worden gelaten, gelet op de waarde die het apparaat vertegenwoordigt.