Gedragscode Geneesmiddelenreclame

De Gedragscode Geneesmiddelenreclame heeft betrekking op de reclame voor geneesmiddelen gericht op beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg. In deze Gedragscode zijn onder meer specifieke bepalingen terug te vinden omtrent mondelinge, schriftelijke en audiovisuele geneesmiddelenreclame. Daarnaast worden ook regels beschreven omtrent de te hanteren gastvrijheid bij congressen, symposia en andere bijeenkomsten, de regeling van premies, geschenken en andere voordelen en eisen die worden gesteld aan bepaalde vormen van onderzoek. De Code Geneesmiddelenreclame is van toepassing op reclame initiatieven, niet op informatieverstrekking. Reclame initiatieven zijn gericht op overtuiging.

Onder gunstbetoon wordt verstaan het in het vooruitzicht stellen, aanbieden of toekennen van geld of op geld waardeerbare diensten of goederen met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen. Bijvoorbeeld het aanbieden van geschenken of gastvrijheid, in de vorm van het vergoeden van de kosten voor deelname aan congressen en bijeenkomsten.

Onder een geneesmiddel of medicijn verstaan we een chemische stof of complex van chemische stoffen met een beoogd farmacologisch, immunologisch of metabolisch effect op het (dierlijk of menselijk) lichaam. De wetenschap van de geneesmiddelen heet farmacie. De wetenschap naar de effecten van geneesmiddelen in het menselijk lichaam (humane) farmacologie. Het voorschrijven van geneesmiddelen wordt ook wel farmacotherapie of geneesmiddelentherapie genoemd.

De Nederlandse regelgeving met betrekking tot geneesmiddelenreclame vindt zijn oorsprong in de uit 1992 stammende Europese richtlijn betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik (2001/83/EG). In 1994 is deze richtlijn als het Reclamebesluit Geneesmiddelen in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd, later opnieuw gecodificeerd in de Geneesmiddelenwet en de Beleidsregels gunstbetoon Geneesmiddelenwet 2018. Parallel aan dit wetgevingstraject zijn alle bij de geneesmiddelenvoorziening betrokken partijen aan het werk gegaan om een vorm van zelfregulering op te zetten. Hieruit is de Gedragscode Geneesmiddelenreclame voortgekomen.

Inleiding

De Gedragscode Geneesmiddelenreclame (hierna: Gedragscode) is in 1998 tot stand gekomen en sindsdien regelmatig gewijzigd en aangevuld. In 2014 heeft het bestuur van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame (CGR) besloten alle aanvullingen en wijzigingen onder te brengen in één integrale gedragscode.

De Gedragscode stelt regels met betrekking tot geneesmiddelenreclame die hun wettelijke grondslag kennen in de Geneesmiddelenwet en Richtlijn 2001/83/EG tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik. Onder reclame wordt daarbij verstaan: iedere vorm van beïnvloeding met het doel het voorschrijven, het afleveren of het gebruik van geneesmiddelen te bevorderen. Dit betreft niet alleen het aanprijzen van geneesmiddelen, maar tevens het aansporen om geneesmiddelen voor te schrijven of af te leveren door voordelen in geld of natura toe te kennen, aan te bieden of in het vooruitzicht te stellen (in de Geneesmiddelenwet gunstbetoon genoemd). Deze toelichting geeft een nadere duiding van de gedragsregels, zoals deze sinds 1998 als gevolg van aanvullingen en wijzigingen (gepubliceerd in Nieuwsbrieven) en uitspraken en adviesoordelen van de Codecommissie en Commissie van Beroep van de CGR is ontstaan.