AA09.045 Aanbieden van een geschenk

Op 1 mei 2009 is het volgende advies (A09.045) gegeven.

1. Het verzoek:

X is een vergunninghouder als gedefinieerd in III.e van de Gedragscode Geneesmiddelenreclame van de Stichting CGR, hierna ook de Gedragscode.
X overweegt aan artsen een Medisch Woordenboek cadeau te doen.
Dit woordenboek bestaat uit vijf delen, namelijk twee delen Nederlands/Engels, twee delen Engels/Nederlands en een CD ROM die het complete woordenboek bevat. De vijf delen van dit woordenboek vormen samen, met een daarbij behorende doos, een zogenoemde boekenbox.
De waarde van het geheel is € 130,90 inclusief BTW.
Zich bewust van de grenzen die de Gedragscode stelt aan de vrijheid om geschenken aan beroepsbeoefenaren te geven en de beperking van de vrijheid van beroepsbeoefenaren om geschenken te ontvangen heeft X zich voorgenomen de boekenbox niet in één keer in zijn geheel aan de beroepsbeoefenaar te schenken, maar in drie afzonderlijke delen, namelijk achtereenvolgens, maar niet noodzakelijk in deze volgorde, de delen Nederlands/Engels, daarna de delen Engels/Nederlands en vervolgens de CD ROM. De Commissie veronderstelt dat op enig moment ook nog de doos zal worden overhandigd, hoewel X zich daarover in haar verzoek niet uitlaat.
X meent dat zij door per artsenbezoek slechts een deel van de boekenbox aan de beroepsbeoefenaar te schenken, de beroepsbeoefenaar drie keer een geschenk ontvangt dat toelaatbaar is volgens de normen van de
Gedragscode en de uitwerking daarvan in de Uitwerking Normen Gunstbetoon van de artikelen 12 en 13, 16 t/m 22 van de Gedragscode, omdat de waarde van het geschenk per bezoek lager is dan € 50,00.
X verzoekt haar voornemen te toetsen aan de Gedragscode Geneesmiddelenreclame.

2. Het oordeel van de Codecommissie:

Zowel op grond van artikel 94 Geneesmiddelenwet zoals deze van kracht is sedert 1 juli 2007 als op grond van artikel 18 jo 21 van de Gedragscode is het aan een vergunninghouder verboden geschenken aan een beroepsbeoefenaar te geven en is het de beroepsbeoefenaar verboden geschenken van een vergunninghouder aan te nemen, tenzij het betreft een geschenk van geringe waarde dat relevant is voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. In artikel 21 Gedragscode is nog bepaald dat het begrip “geringe waarde” duidt op iets dat bescheiden in omvang is. In die bepaling wordt er verder op gewezen dat de waarde mede in relatie tot de frequentie moet worden gezien en dat het niet de bedoeling is dat geschenken van geringe waarde zodanig vaak, of in een zodanige omvang worden verstrekt dat in totaliteit de waarde ervan substantieel is.

Dit uitgangspunt heeft een praktische en gelijkluidende uitwerking gekregen in zowel de van het ministerie van VWS afkomstige beleidsregels nadere invulling van het begrip gunstbetoon in de Geneesmiddelenwet, Staatscourant 29 juni 2007, nr 123, pg 19, als in de Uitwerking Normen Gunstbetoon artikelen 12 en 13, 16 t/m
22 Gedragscode Geneesmiddelenreclame, hierna ook de Uitwerking Normen Gunstbetoon..
In beide uitwerkingen wordt met een verwijzing naar de regeling voor aanvaarding van geschenken door Rijksambtenaren vastgesteld dat een geschenk van geringe waarde is wanneer de waarde niet meer bedraagt
dan € 50,00 per keer, met een maximum van € 150,00 per jaar per beroepsbeoefenaar, per vergunninghouder en per therapeutische klasse.
Nu het uitgangspunt van de wet en van de Gedragscode is dat geen geschenken mogen worden gegeven of aangenomen, en de toelaatbaarheid van het geven en aannemen van geschenken van geringe waarde een uitzondering is op dat uitgangspunt, dient naar het oordeel van de Commissie bij de beoordeling van de vraag of een geschenk van geringe waarde is strikt naar de geest van het voorschrift te worden getoetst en kan niet worden aanvaard dat een vergunninghouder of een beroepsbeoefenaar de grenzen van dit voorschrift opzoekt en tracht te omzeilen door een ruimhartige interpretatie van de letter van dit voorschrift. Het Medisch Woordenboek bestaat weliswaar uit de som van de verschillende delen, doch de producent biedt die verschillende delen niet afzonderlijk aan, maar slechts alle delen tezamen, als één geheel verpakt in een doos.
Ook X ziet de boekenbox als één geheel, nu zij beoogt de beroepsbeoefenaar het gehele medische woordenboek cadeau te doen, zij het dat haar artsenbezoeker daartoe drie keer de beroepsbeoefenaar met een bezoek vereert en telkens een deel van het medisch woordenboek achterlaat.
Het geschenk, dat overigens ontegenzeggelijk relevant is voor de uitoefening van de praktijk door de beroepsbeoefenaar, heeft derhalve een waarde van € 150,00 en is dus niet van geringe waarde als bedoeld in de Normen Uitwerking Gunstbetoon en in de beleidsregels van het ministerie van VWS als hiervoor genoemd.
De slotsom moet dan ook zijn dat X in strijd zou handelen met de wet en met de Gedragscode Geneesmiddelenreclame, indien zij haar voornemen om het Medisch Woordenboek in delen aan beroepsbeoefenaren te schenken, tot uitvoering zou brengen, zoals ook de beroepsbeoefenaren die dat geschenk zouden aanvaarden de wet en de Gedragscode Geneesmiddelenreclame zou overtreden, zodat de Commissie X adviseert van haar voornemen af te zien.

3. De kosten:

De Codecommissie bepaalt dat de aan deze adviesaanvraag verbonden kosten separaat aan verzoekster in rekening zullen worden gebracht.
Aldus gedaan te Gouda op 1 mei 2009 door mr. J.A.J. Peeters, voorzitter.

ID:

AA09.045

Onderwerp(en):

Geschenken

Type beoordeling:

Advies

Uitspraak:

Negatief

Instantie:

Codecommissie

Datum uitspraak:

01-05-2009

Het officiële document:

Print deze uitspraak