AA12.084 Reclame-uitingen

ADVIES (AA12.084) van de Codecommissie op het verzoek van [X] van 27 augustus 2012 op de voet van artikel 59 van het Reglement van de Codecommissie en de Commissie van beroep van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de voorzitter van de Codecommissie.
De Codecommissie heeft kennis genomen van de adviesaanvraag van [mevrouw Y], project manager business development, van verzoekster, en van de daarbij verstrekte stukken.

1. Het verzoek
Verzoekster verzorgt voor [apotheek A] alle contacten met klanten, zijnde apotheken en ziekenhuisapotheken in Nederland. Zij wil deze klanten informeren over de verkrijgbaarheid van geneesmiddelen, die door [apotheek A] overeenkomstig de circulaire grootschalige bereiding door apothekers van de Inspectie voor de Gezondheidszorg kunnen worden geleverd. In dit verband heeft verzoekster het voornemen om iedere twee maanden een informatiebulletin aan genoemde apotheken te versturen. Dit bulletin is opgebouwd uit vier blokken: 1. producten die recent in het assortiment zijn opgenomen, met informatie over de toepassing; 2. algemene mededelingen op het gebied van eigen bereidingen en diensten die [apotheek A] op dat vlak levert; 3. een assortimentslijst; 4. algemene informatie over contact en bestelinformatie.

Verzoekster vraagt te beoordelen of de opzet en inhoud van het informatiebulletin in overeenstemming zijn met de gedragscode.

2. De beoordeling door de Codecommissie

In artikel 4.1.1 van de genoemde Code is bepaald dat reclame met betrekking tot een geneesmiddel waarvoor geen handelsvergunning is verleend, verboden is. De Codecommissie staat dientengevolge voor de vraag of de uitingen van verzoekster al dan niet als reclame zijn   te merken. In de Geneesmiddelenwet is een definitie van dit begrip opgenomen. Blijkens artikel 1 lid 1 sub xx wordt onder reclame elke vorm van beïnvloeding met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen, dan wel het geven van de opdracht daartoe verstaan.
Verzoekster heeft een tweetal stukken aan de Codecommissie verstrekt. Het eerste stuk houdt een toelichting in op de activiteiten van [apotheek A] en een vermelding van een aantal producten die in het assortiment zijn of zullen worden opgenomen. Het tweede stuk is de assortimentslijst, waarin een groot aantal verkrijgbare artikelen en hun prijs wordt vermeld.
Voorts wordt in dit stuk aangegeven hoe die artikelen verkregen kunnen worden. Beide stukken zullen hierna besproken worden.
De eerste bladzijde van het eerste stuk kan niet als reclame worden aangemerkt. Het bevat slechts algemene informatie. Anders moet worden geoordeeld over de overige bladzijden.
Op deze bladzijden wordt kennelijk de verkoop van bepaalde producten bevorderd. De Codecommissie wijst in dit verband op de verschillende kleuren die aan gedeelten van de tekst zijn gegeven, op de afbeelding van de vorm waarin het product wordt geleverd en op de vermelding van indicatie en dosering daarvan.

Het tweede stuk roept geen bezwaar op behoudens waar een bepaald product in een rode kleur in de lijst is opgenomen. Verzoekster heeft niet aangegeven waarom bepaalde producten met die kleur zijn opgenomen. De Codecommissie moet er daarom van uit gaan dat dit is gebeurd omdat daardoor extra belangstelling voor die producten wordt gewekt. Dat leidt er toe dat van reclame gesproken moet worden.
De Codecommissie komt dus tot een in belangrijke mate negatief advies.

Verzoekster heeft gevraagd zo concreet mogelijk te willen aangeven op welke onderdelen strijd met de gedragscode bestaat. De Codecommissie meent dat uit het bovenstaande valt af te leiden in welke opzichten negatief moet worden geoordeeld. De gekozen benadering brengt mee dat verzoekster niet veel meer zal kunnen doen dan zakelijke informatie te verstrekken over wat zij kan leveren en dat zij daarbij geen speciale belangstelling voor één of meer van die producten zal mogen wekken. De Codecommissie beseft dat dit beperkingen oplevert die in de tegenwoordige tijd niet erg voor de hand liggen. Daar staat evenwel tegenover dat de wetgever strenge beperkingen heeft opgelegd aan reclame voor geneesmiddelen. De Codecommissie kan zich daar niet aan onttrekken.

3. De kosten

De Codecommissie bepaalt dat de aan deze adviesaanvraag verbonden kosten aanverzoekster separaat in rekening zullen worden gebracht.

Aldus gedaan te Amsterdam op 20 september 2012 door mr. P.A. Offers, voorzitter.

ID:

AA12.084

Onderwerp(en):

Eisen aan reclame

Type beoordeling:

Advies

Uitspraak:

Negatief

Instantie:

Codecommissie

Datum uitspraak:

20-09-2012

Het officiële document:

Print deze uitspraak