AA14.075 Website

ADVIES (AA14.075) van de Codecommissie op het verzoek van [X] op de voet van artikel 59 van het Reglement van de Codecommissie en de Commissie van Beroep van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de voorzitter van de Codecommissie.

De Codecommissie heeft kennis genomen van de adviesaanvraag van [de heer Y] van 20 augustus 2014.

De aanvraag

Verzoekster heeft het voornemen een aantal “screenshots” van de [productwebsite Z] te gebruiken voor het [receptgeneesmiddel A] voor de behandeling van [ziekte B]. Zij zou graag advies ontvangen omtrent de vraag aan welke vereisten een dergelijke productwebsite voor een receptgeneesmiddel moet voldoen en of de beoogde productwebsite ook aan de vereisten van de Gedragscode voldoet.

In dit kader heeft verzoekster drie vragen gesteld:

Is verzoekster bij een productwebsite voor een eigen receptgeneesmiddel ook gehouden de andere beschikbare receptgeneesmiddelen te noemen die op de markt zijn.

Valt informatie over een zgn. thuisservice, d.w.z. een zorgprogramma over het thuis door een verpleegkundige injecteren van een receptgeneesmiddel, op een productwebsite onder de noemer “technische gebruikersinformatie”( ex artikel 5.8.12 Gedragscode) en is het dus geoorloofd om die informatie op te nemen op een productwebsite.

Mag het beeldmerk (logo) van een receptgeneesmiddel als nader aangegeven worden gebruikt op een productwebsite (en op corporate websites).

De beoordeling

De Commissie stelt voorop dat zij zich bij haar beoordeling uitsluitend baseert op de door verzoekster aan haar gegeven inlichtingen en de door verzoekster overgelegde documenten. De verantwoordelijkheid voor de volledigheid van de verstrekte inlichtingen berust derhalve bij verzoekster.

In paragraaf 5.8 van de Code zijn specifieke bepalingen opgenomen met betrekking tot informatie over receptgeneesmiddelen aan het publiek. In deze paragraaf zijn in artikel 5.8.12 specifieke eisen opgenomen met betrekking tot het internet. Uitgangspunt is hierbij dat het gebruik van de naam van een vergunninghouder, een indicatie en/of een merk van een receptgeneesmiddel is toegestaan. Ook het merk van een receptgeneesmiddel mag worden genoemd.

De eerste vraag moet naar het inzicht van de Codecommissie in negatieve zin worden beantwoord. Hierbij is van belang dat het om een productwebsite gaat, zoals aangegeven in artikel 5.8.12 en niet om informatie in meer algemene zin.

De tweede vraag betreft de inhoud van het begrip “technische gebruikersinformatie” en meer in het bijzonder de vraag of informatie over een zogenaamde thuisservice daaronder valt. Deze vraag dient ontkennend te worden beantwoord. De bedoelde thuisservice is immers aan te merken als een aparte dienst waarvoor reclame mag worden gemaakt, mits deze reclame niet aan te merken is als reclame voor het betreffende receptgeneesmiddel. Een beschrijving van een thuisservice, mits voldaan aan het hierboven gestelde, valt dan ook buiten de Gedragscode.

De derde vraag tenslotte betreft de vermelding van het beeldmerk van het receptgeneesmiddel op de productwebsite. Op grond van artikel 5.8.12 van de Code mag een merk van een receptgeneesmiddel op een corporate website worden opgenomen. De merknaam van het middel mag dus vermeld worden. Dit brengt in het onderhavige geval mee dat het woord [receptgeneesmiddel A] vermeld mag worden. Verzoekster heeft onder deze naam van het merk de navolgende tekst opgenomen: “([werkzame stof B])” en beschouwt het geheel van de naam en deze tekst als een beeldmerk. De Codecommissie zijn geen bepalingen bekend die zich hiertegen verzetten. Er zal daarom aangenomen moeten worden dat de vraag in bevestigende zin kan worden beantwoord.

De kosten

De Codecommissie bepaalt dat de aan deze adviesaanvraag verbonden kosten aan verzoekster separaat in rekening zullen worden gebracht.

Aldus gedaan te Amsterdam op 28 augustus 2014 door mr. P.A. Offers, voorzitter.

ID:

AA14.075

Onderwerp(en):

Eisen aan reclame

Type beoordeling:

Advies

Uitspraak:

Deels positief, deels negatief

Instantie:

Codecommissie

Datum uitspraak:

28-08-2014

Het officiële document:

Print deze uitspraak