AA14.093 Geschenk
ADVIES (AA14.093) van de Codecommissie op het verzoek van [X] op de voet van artikel 59 van het Reglement van de Codecommissie en de Commissie van Beroep van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de voorzitter van de Codecommissie.
De Codecommissie heeft kennis genomen van de adviesaanvraag van [X] van 29 september 2014 en van nadien nog verkregen informatie.
De aanvraag
Verzoekster is een groothandel in medische artikelen zoals bloeddrukmeters, stethoscopen, anatomische modellen enz. Een belangrijke klant van verzoekster is de farmaceutische industrie. Sinds de toepassing van de EFPIA per 1 juli 2014 heeft verzoekster veel vragen gekregen van haar farmaceutische klanten welke medische artikelen nog wel kunnen dienen als geschenk.
Verzoekster interpreteert de thans geldende regelgeving aldus dat op geld waardeerbare zaken die standaard in de praktijk aanwezig behoren te zijn, niet kunnen dienen als geschenk. Andere artikelen zoals innovaties van instrumenten voor een betere diagnostiek en behandeling van patiënten en educatieve materialen voor betere informatieoverdracht naar patiënt of arts zouden wel daartoe kunnen dienen. Als voorbeeld van een artikel dat aan de regelgeving zou voldoen noemt verzoekster een kinderstethoscoop in een huisartspraktijk. Verzoekster heeft hierbij aangegeven dat de kinderstethoscoop de diagnostiek van long/hartziekte bij kinderen ten goede komt, dat een dergelijke kinderstethoscoop voor een firma met longmedicijnen een uitstekend geschenk zou zijn omdat de winkelwaarde minder dan 50 euro is.
Verzoekster vraagt hierover uitspraak te doen.
De beoordeling
In artikel 59 van het Reglement Codecommissie is bepaald dat iedere belanghebbende de Codecommissie kan verzoeken een advies te geven omtrent de verenigbaarheid van een eigen (voorgenomen) handelen of nalaten met de bepalingen van de Gedragscode of de geest en strekking daarvan. In het onderhavige geval is hieraan niet voldaan. Immers vraagt verzoekster geen advies omtrent eigen handelen. Verzoekster verkoopt medische artikelen aan de farmaceutische industrie. In de relatie van verzoekster met die industrie is geen sprake van handelen waarbij de bepalingen van de Gedragscode van toepassing zijn. Dit ligt anders waar die industrie de door verzoekster verkochte artikelen wil gebruiken om beroepsbeoefenaren in de zin van de Gedragscode een geschenk te doen. In de relatie tussen het farmaceutische bedrijf en de beroepsbeoefenaar is de Gedragscode wel van toepassing. Waar verzoekster evenwel stelt belang te hebben bij een beantwoording van de vraag of aan de Gedragscode wordt voldaan, zal de Codecommissie die vraag hieronder toch beantwoorden.
Het bedoelde onderwerp is geregeld In artikel 6.2.1 en volgende van de Gedragscode. In artikel 6.2.1 is een algemeen verbod neergelegd van het aanbieden of in het vooruitzicht stellen van geschenken aan beroepsbeoefenaren. In het daarop volgende artikel evenwel is een uitzondering op dit algemene verbod opgenomen. Hierin is bepaald dat van het eerdergenoemde artikel zijn uitgezonderd geschenken in geld of in natura, die een geringe waarde hebben en tevens van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. Deze bepaling houdt dus twee eisen is. Het geschenk moet van geringe waarde zijn en het moet van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar.
De eerste eis is nader uitgewerkt in die zin dat een geschenk geacht wordt van geringe waarde te zijn indien deze niet meer bedraagt van € 50,– per keer, met een maximum van € 150,– per jaar. Het moet dan gaan om de winkelwaarde inclusief BTW. Verzoekster heeft aangegeven dat de kinderstethoscoop die zij aan de farmaceutische industrie wil verkopen, een winkelwaarde heeft van minder dan € 50,– inclusief BTW. In zoverre is dan aan deze eis voldaan. Daarbij kan hoogstens worden aangetekend dat het farmaceutische bedrijf dat de stethoscoop wil schenken, na zal moeten gaan of het gestelde maximum van € 150,– per jaar niet wordt overschreden.
In de toelichting bij artikel 6.2.2 is nader aangegeven in welke gevallen aangenomen kan worden dat een geschenk van betekenis is voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. Het gaat dan om materialen met een informatief of educatief karakter voor zover deze direct relevant zijn voor de beroepsuitoefening van de beroepsbeoefenaar en direct de zorg aan patiënten ten goede komen en om producten die in de medische praktijk kunnen worden toegepast, direct gericht op de educatie van beroepsbeoefenaren en de zorg aan patiënten, mits daarmee niet routine praktijkuitgaven van de ontvangende beroepsbeoefenaar worden gecompenseerd.
In het onderhavige geval kan niet gezegd worden dat het gaat om materiaal met een informatief of educatief karakter. De kinderstethoscoop heeft een ander doel, immers is dit een instrument dat door de huisarts gebruikt kan worden bij zijn werkzaamheden. Er zal daarom moeten worden onderzocht of gesproken kan worden van een product dat in de medische praktijk kan worden toegepast en waarbij wordt voldaan aan de op dit punt nader gestelde vereisten. Zoals al aangegeven kan de stethoscoop, waar het thans om gaat, in de medische praktijk worden toegepast. Voorts lijkt te kunnen worden aangenomen dat deze gericht is op de zorg aan patiënten. In hoeverre de stethoscoop ook ten doel heeft de beroepsgenoten verder op te leiden, kan niet goed worden vastgesteld. De Codecommissie wil evenwel wel aannemen dat dit het geval is, nu de stethoscoop in het bijzonder gebruikt zal kunnen worden wanneer sprake is onderzoek bij kleinere patiënten. Er rest dan de vraag of er geen compensatie plaats vindt van routine praktijkuitgaven van de ontvangende beroepsbeoefenaar. Verzoekster heeft aangegeven dat er nauwelijks vergelijkend wetenschappelijk onderzoek is ten aanzien van medische instrumenten. Haars inziens behoort de kinderstethoscoop niet tot de routine aankopen van een huisarts. De Codecommissie zijn geen gegevens bekend die tot de conclusie zouden moeten leiden dat dit niet geloofwaardig is. Het tegendeel lijkt afgeleid te moeten worden uit de verkoopgegevens van Praktijk Inkoop Twente, waaruit blijkt dat de Littmann classic adult stethoscopen tussen 1 januari 2005 en 31 december 2010 864 keer werden verkocht en de Littmann kinderstethoscoop 7 keer.
Een en ander leidt tot een positief advies.
De kosten
De Codecommissie bepaalt dat de aan deze adviesaanvraag verbonden kosten aan verzoekster separaat in rekening zullen worden gebracht.
Aldus gedaan te Amsterdam op 27 oktober 2014 door mr. P.A. Offers, voorzitter.
ID:
AA14.093
Onderwerp(en):
Geschenken
Type beoordeling:
Advies
Uitspraak:
Positief
Instantie:
Codecommissie
Datum uitspraak:
27-10-2014
Het officiële document: