AA17.053 Geschenken

ADVIES (AA17.053) van de Codecommissie op het verzoek van [X] op de voet van artikel 59 van het Reglement van de Codecommissie en de Commissie van Beroep van de Stichting Code Geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de voorzitter van de Codecommissie.
De Codecommissie heeft kennis genomen van de adviesaanvraag van [X] van 19 mei 2017.

1. De aanvraag
Verzoekster exploiteert de [websites Y en Z]. Deze websites richten zich tot beroepsbeoefenaren en hebben een educatieve en informatieve doelstelling. Zij bieden door vergunninghouders aangevraagde producttrainingen over geneesmiddelen en vrij verkrijgbare zelfzorgproducten alsmede betaalbare, geaccrediteerde opleidingen en nascholingen die op eigen initiatief van verzoekster worden ontwikkeld.

Op de tweede hierboven genoemde website worden producttrainingen aangeboden over o.a. zelfzorggeneesmiddelen. Op de eerstgenoemde website worden producttrainingen aangeboden over o.a. zelfzorggeneesmiddelen en recept geneesmiddelen. Deze producttrainingen zijn uitsluitend toegankelijk voor de beroepsgroep. Voor het volgen van een producttraining worden cursisten beloond ter stimulering van het zelfstandig en op eigen initiatief vergroten van de vakkennis. Er wordt onderscheid gemaakt in beloning op een training van niet-geneesmiddelen (gewone sterren) en geneesmiddelen ([A sterren]).

Verzoekster beperkt haar verzoek tot de [A sterren] omdat het sparen van deze sterren leidt tot “geschenken van geringe waarde” zoals omschreven in paragraaf 6.2 van de Code.
Per training zijn [A sterren] te verdienen. Eén ster is het equivalent van € 0,25 inclusief BTW. De opdracht gevende vergunninghouder bepaalt en betaalt de uitkering. Daarbij moet rekening worden gehouden met het feit dat per jaar niet meer gespaard kan worden dan
€ 150,– inclusief BTW. Er zijn ten hoogste 50 trainingen over geneesmiddelen te volgen op jaarbasis. De maximale waarde van een beloning ter stimulering van kennisopname is daarom € 3,– per persoon per training. De meest gebruikte beloning is 4 [A sterren], het equivalent van € 1,– inclusief BTW. Deze gespaarde sterren kunnen worden ingewisseld voor een webshopproduct naar keuze dat vermeld is als [A] product. Het gaat hierbij om producten die van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar, b.v. waardebonnen voor beroepsschoenen. De waarde van een [A] webshopproduct is maximaal € 50,– per keer en maximaal € 150,– per jaar per persoon daar waar het cursussen over geneesmiddelen betreft. Er wordt nimmer een geldwaarde in euro’s uitgekeerd.

Verzoekster vraagt een en ander te toetsen aan de Code.

2. De beoordeling
In artikel 59 van het Reglement is bepaald dat iedere belanghebbende de Codecommissie kan verzoeken een advies te geven omtrent de verenigbaarheid van een eigen handelen of nalaten met de bepalingen van de Code of de geest en strekking daarvan. Verzoekster heeft het voornemen bepaalde mogelijkheden om zich verder te bekwamen aan te bieden aan beroepsbeoefenaren. Daarmee is gegeven dat verzoekster als belanghebbende in de zin van deze bepaling kan worden aangemerkt. Hierbij doet niet ter zake dat verzoekster geen vergunninghouder is in de zin van artikel 3,1 sub e van de Code.

De Code bevat in paragraaf 6.2 een aantal normen met betrekking tot premies, geschenken en andere voordelen. Uitgangspunt is hierbij het bepaalde in artikel 6.2.1 waarin – verkort weergegeven – is bepaald dat vergunninghouders zich moeten onthouden van het aanbieden van geschenken , premies of voordelen in geld of natura. Op deze bepaling bestaat een uitzondering, die in artikel 6.2.2 is neergelegd. Deze bepaling luidt als volgt: “Van het bepaalde in artikel 6.2.1 zijn uitgezonderd geschenken of voordelen in geld of in natura, die een geringe waarde hebben en tevens van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. Het begrip “geringe waarde” duidt op iets dat bescheiden is in omvang. Die waarde dient mede in relatie tot de frequentie te worden gezien. Het is niet de bedoeling dat geschenken van geringe waarde zodanig vaak, of in een zodanige omvang worden verstrekt, dat in totaliteit de waarde daarvan substantieel wordt.” Hieraan is nog het volgende toegevoegd: “Aangenomen wordt dat een geschenk van geringe waarde is wanneer de waarde niet meer bedraagt dan € 50 per keer, met een maximum van € 150 per jaar. Deze bedragen gelden per beroepsbeoefenaar, per vergunninghouder en per therapeutische klasse. De waarde van een geschenk wordt bepaald aan de hand van de winkelwaarde inclusief BTW.”

Het gaat hierbij dus om geschenken die aan twee voorwaarden voldoen, te weten een geringe waarde en betekenis voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. Verzoekster heeft aangegeven dat het bedrag dat een beroepsbeoefenaar per jaar kan ontvangen, niet meer zal zijn dan € 150,–. Daarmee is gegeven dat de grenzen die op dit punt in artikel 6.2.2 zijn aangegeven, in acht worden genomen.

De Codecommissie staat dan nog voor de vraag of ook aan de andere voorwaarde zal zijn voldaan. Hiervan lijkt sprake te zijn waar het gaat om producten die voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar van betekenis zijn en die voldoen aan de eisen vermeld in de toelichting bij artikel 6.2.2 onder a en b. Voor de tweede groep producten lijkt dit niet goed gezegd te kunnen worden. Schrijfmappen, bewaarmappen, agenda’s en pennen kunnen alleen aanvaard worden mits deze tijdens wetenschappelijke bijeenkomsten of nascholingen, die door de vergunninghouder zelf worden georganiseerd, worden verstrekt. Daarvan is in deze geen sprake. Hetzelfde moet worden gezegd voor donaties aan goede doelen. Het is niet goed vol te houden dat deze van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk. Ten aanzien van bijdragen aan meer educatie komt de Codecommissie tot een positieve conclusie.

Een en ander heeft tot gevolg dat de Codecommissie tot een positief advies komt mits het gaat om producten die geacht kunnen worden van betekenis te zijn voor de uitoefening van de praktijk van beroepsbeoefenaren. Uit het bovenstaande volgt dat dit niet in alle door verzoekster gegeven voorbeelden het geval lijkt te zijn.

3. De kosten

De Codecommissie bepaalt dat de aan deze adviesaanvraag verbonden kosten aan verzoekster separaat in rekening zullen worden gebracht.

Aldus gedaan te Amsterdam op 2 juni 2017 door mr. P.A. Offers, voorzitter.

 

 

ID:

AA17.053

Onderwerp(en):

Eisen aan reclame, Geschenken

Type beoordeling:

Advies

Uitspraak:

Deels positief, deels negatief

Instantie:

Codecommissie

Datum uitspraak:

02-06-2017

Het officiële document:

Print deze uitspraak