AA21.005 Publieksreclame
ADVIES (AA21.005) van de CGR op het verzoek van de Vereniging [X] van 12 juli 2021 uit hoofde van artikel 2.1.1, onder d van het Reglement Naleving geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de Keuringsraad.
1. Het verzoek
[X] representeert geneesmiddelenbedrijven die zich bezighouden met de ontwikkeling en het op de markt brengen van [geneesmiddelen Y]. [X] is voornemens een bewustwordingscampagne te lanceren rondom de waarde van het medicijn onder de naam ‘[Z]’. Daartoe heeft [X] vier patiënten laten interviewen over hun leven met een ziekte en de rol die de behandeling met – onder andere – medicijnen daarin speelt. Daarbij wordt geen enkele relatie gelegd met een specifiek geneesmiddel. De inleidende tekst van de verhalen prijst steeds in algemene bewoordingen geneesmiddelen aan, waarbij de volgende zin in alle vier de verhalen terugkeert: “[A]”. [X] wenst te vernemen of deze verhalen binnen de Gedragscode Geneesmiddelenreclame (hierna: de Gedragscode) vallen en zo ja of deze voldoen aan de bepalingen omtrent de Gedragscode.2. Het oordeel van de CGR
De Keuringsraad ziet in de adviesaanvraag van [X] primair de vraag of sprake is van geneesmiddelenreclame in de zin van de Gedragscode en indien hiervan sprake is, of deze onder de Gedragscode is toegestaan. Aangezien het een bewustwordingscampagne betreft die voor het publiek is bestemd, beoordeelt de Keuringsraad eerst de vraag of sprake is van publieksreclame voor een geneesmiddel.
Art. 3.1 onderdeel a van de Gedragscode bepaalt dat publieksreclame voor een geneesmiddel die, gezien haar inhoud en de wijze waarop zij wordt geuit, kennelijk ook voor anderen dan beroepsbeoefenaren is bestemd, is verboden.
De vraag die voorligt is of de bewustwordingscampagne ‘[Z]’ aangemerkt kan worden als reclame voor een geneesmiddel.
Het doel van de bewustwordingscampagne is om de reputatie van de geneesmiddelensector te verbeteren. De campagne bestaat uit vier verhalen van patiënten met de volgende ziektebeelden: [B, C, D en E].
[X] heeft in overleg met de Keuringsraad besloten één van de vier verhalen te laten vervallen vanwege de mogelijke indirecte geneesmiddelenreclame en enkele korte passages uit de andere verhalen te verwijderen vanwege het gebruik van superlatieven in relatie tot een niet nader benoemd geneesmiddel c.q. geneesmiddelen in algemene zin. Met inachtneming van deze aanpassingen stelt de CGR vast dat er door de reclamecampagne niet een specifieke categorie geneesmiddelen wordt gepromoot; wel worden specifieke ziektebeelden in de zin van artikel 5.1.2 onderdeel d van de Gedragscode beschreven, hetgeen buiten de Gedragscode valt. De boodschap is sectorbreed en is aan te merken als bewustwording voor de geneesmiddelensector – en de waarde van het geneesmiddel voor een beter en langer leven – en niet als reclame voor een specifiek geneesmiddel.Concluderend acht de CGR dat de voorgenomen campagne niet valt onder de definitie van publieksreclame in de zin van artikel 3.1.a van de Gedragscode, omdat de campagne geen (directe of indirecte) reclame maakt voor een geneesmiddel.
Dit oordeel neemt niet weg dat kan worden gesteld dat sprake is van reclame voor geneesmiddelen in het algemeen. Daarvan is naar het oordeel van de Keuringsraad sprake. Het beoordelen daarvan valt echter buiten de competentie van de Keuringsraad.
Bovenstaande houdt in dat de bewustwordingscampagne met inachtneming van de genoemde aanpassingen buiten de reikwijdte van het begrip publieksreclame van de Gedragscode valt.
3. De kosten
De aan deze adviesaanvraag verbonden kosten zullen separaat aan X in rekening worden gebracht.
ID:
AA21.005
Onderwerp(en):
Publieksreclame
Type beoordeling:
Advies
Uitspraak:
Deels positief, deels negatief
Instantie:
Keuringsraad
Datum uitspraak:
13-07-2021
Het officiële document: