AA22.005 Gunstbetoon
ADVIES (AA22.005) van de CGR op het verzoek van [X] op 12 september 2022 uit hoofde van artikel 2.5.1 van het Reglement Naleving geneesmiddelenreclame, uitgebracht door de Keuringsraad.
1. Het verzoek
[X] is een vergunninghouder in de zin van artikel 3.1 onder h. van de Gedragscode Geneesmiddelenreclame. Binnenkort zal [X] een nieuw product op de markt brengen genaamd [geneesmiddel Y]. Dit is een oraal 1x daags medicijn dat helpt om het [peil Z] naar beneden te brengen. Het middel zal kunnen worden voorgeschreven door huisartsen en specialisten.Om extra aandacht te vragen voor het op de markt komen is zij voornemens een kennisquiz te maken. Deze kennisquiz zal bestaan uit 5-10 vragen over disease awareness en brand awareness. Deze kennisquiz zal alleen gemaakt kunnen worden door voorschrijfbevoegden en beschikbaar zijn achter een BIG log-in online. Ook zal de quiz door de buitendienst van [X] kunnen worden gedeeld met de voorschrijvende doelgroep. Dit kan zijn via de mail, tijdens een 1-1 gesprek of bijvoorbeeld op een congres.
Tijdens het [congres A] (in 2022) wil [X] graag een extra koppeling maken ten aanzien van deze test aan een beloning voor iedere ingevulde test van 15 euro voor het goede doel. [X] houdt op een groot scherm via een automatische koppeling bij hoeveel tests er zijn ingevuld door middel van een soort “barometer”. [X] zal na afloop van het congres het bedrag overmaken naar dit goede doel.
Het goede doel dat [X] op het oog heeft, is de [Stichting B]. [Stichting B] zet zich in voor het vergroten van de overlevingskansen van kinderen met een [aandoening C] en het verbeteren van kwaliteit van leven. [Stichting B] financiert onderzoek, organiseert en ondersteunt evenementen en initiatieven voor dit doel en geeft voorlichting aan ouders.
[X] verzoekt de Keuringsraad te beoordelen of de kennisquiz in de beoogde opzet in overeenstemming is met de Gedragscode Geneesmiddelenreclame (hierna: Gedragscode).2. Het oordeel van de Keuringsraad
De Keuringsraad stelt vast dat in het voorstel van [X] sprake is van een financiële relatie met individuele beroepsbeoefenaren voor zover voor de deelname aan de kennisquiz ook een beloning staat die wordt bestemd voor een goed doel. Financiële relaties met beroepsbeoefenaren zijn uitsluitend toegestaan, indien geen sprake is van gunstbetoon. Gunstbetoon is een financiële relatie met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen. Op grond van de Gedragscode is gunstbetoon verboden. Er wordt binnen de Gedragscode in de paragrafen 6.2 tot en met 6.4 voorzien in specifieke uitzonderingen voor relaties met individuele beroepsbeoefenaren. De Keuringsraad heeft getoetst of het voorgenomen plan valt onder één van deze uitzonderingen op het verbod op gunstbetoon.
In de eerste plaats kan worden gesteld dat van de beroepsbeoefenaren een bepaalde dienst wordt gevraagd – het beantwoorden van vragen van de kennisquiz – waarvoor een bepaalde vergoeding wordt gegeven, namelijk een bijdrage aan een goed doel. Dienstverlening vormt onder in paragraaf 6.3 beschreven voorwaarden een uitzondering op het verbod op gunstbetoon. Uitgangspunt is dat dienstverlening verricht door een beroepsbeoefenaar in opdracht van een vergunninghouder op grond van artikel 6.3.1 van de Gedragscode van belang dient te zijn voor de uitoefening van de geneeskunst, de farmacie, de tandheelkunst, de verpleegkunst of de verloskunst. De vragen van de kennisquiz betreffen disease awareness en brand awareness en testen het kennisniveau van de beroepsbeoefenaar over het nieuwe [geneesmiddel Y] van [X]. De Keuringsraad acht dit, mede gezien de overgelegde voorbeeldvragen, vooral een promotioneel doel en ziet hierin geen tegenprestatie van de betrokken beroepsbeoefenaren die in het belang is voor de uitoefening van de geneeskunst, zodat paragraaf 6.3 geen rechtvaardiging kan bieden voor het voorgelegde plan van [X].
Nu de bijdrage aan het goede doel vanwege de deelname aan de kennisquiz geen beloning kan zijn voor het uitvoeren van een dienst in de zin van artikel 6.3.1 van de Gedragscode, moet worden onderzocht of deze op geld waardeerbare actie is gelegitimeerd als geschenk. Op grond van artikel 6.2.1 van de Gedragscode onthouden vergunninghouders zich met betrekking tot beroepsbeoefenaren van het aanbieden of in het vooruitzicht stellen van geschenken in welke vorm ook. Van het bepaalde in artikel 6.2.1 zijn uitgezonderd geschenken of voordelen in geld of natura die een geringe waarde hebben en tevens van betekenis zijn voor de uitoefening van de praktijk van de beroepsbeoefenaar. Van dit laatste is bij de te toetsen actie geen sprake, zodat paragraaf 6.2 geen rechtvaardiging kan verschaffen voor het voorgenomen plan.
Tot slot kan gunstbetoon onder voorwaarden toelaatbaar worden geacht, indien het gaat om het door vergunninghouders aan beroepsbeoefenaren aanbieden van gastvrijheid bij samenkomsten. Daarvan is in deze situatie geen sprake, zodat ook paragraaf 6.4 geen rechtvaardiging vormt voor de koppeling van de kennisquiz aan een op geld waardeerbare beloning.
De Keuringsraad kan daarom niet anders dan concluderen dat het voorgenomen handelen van [X] in de onderhavige adviesaanvraag niet voldoet aan de Gedragscode. Gezien het voorgaande luidt het advies negatief.
3. De kosten
De aan deze adviesaanvraag verbonden kosten zullen separaat aan [X] in rekening worden gebracht.
ID:
AA22.005
Onderwerp(en):
Geschenken
Type beoordeling:
Advies
Uitspraak:
Negatief
Instantie:
Keuringsraad
Datum uitspraak:
17-10-2022
Het officiële document: